GEN-BENELUX-L Archives

Archiver > GEN-BENELUX > 2004-02 > 1075895486


From: "Herman Post" <>
Subject: verslag laatste dagen
Date: Wed, 4 Feb 2004 12:51:26 +0100


In de spullen van mijn moeder vond ik onderstaand verslag over de laatste
dagen van mijn vader.Hij is met de razzia van Rotterdam naar Duitsland
afgevoerd en niet meer teruggekomen.Het verslag is geschreven door een
lotgenoot,misschien herkend iemand het verhaal,hoewel de lotgenoot ook al in
de 80 moet zijn.Het is een oorlogsverhaal zoals er toen verschillende zijn
geweest.
met vr.gr.
Herman

25 FEBRUARI

t/m

15 APRIL 1945



KAREL POST'S

LAATSTE LEVENSDAGEN,


(Naverteld door een van zijn lotgenoten.)





Op Zondag 25 Februari maakte ik kennis met Karel Post. Zelf bij een
ontvluchtingspoging gepakt en zittende in een celletje bij het grenskantoor
aan de weg Oldenzaal - Bentheim werd hij een paar dagen na mij
binnengebracht, in gezelschap van 2 van zijn vrienden. In dit celletje
hebben wij gezeten tot Dinsdag 27 Februari, vanwaar we met nog andere
lotgenoten overgebracht werden (loopende) naar het 8 km, verder gelegen
Bentheim, waar we in een cel op het station werden ingesloten. Wij
rammelden van den honger, want al die dagen hadden wij geen eten gehad, maar
daar werd het na een paar dagen beter en kregen we 's ochtends, 's middags
en 's avonds een weinig eten. Karel en ik hebben daar nog meegeholpen bij
een verhuizing, waarbij we nog een goed maal op de kop tikten, alsmede een
sigaar. Vooral de laatste was een zeer groote luxe. Intusschen werden we
gekeurd en de 2 vrienden van Karel werden afgekeurd. Daarna werden we met
de anderen in de nacht van Donderdag op Vrijdag afgevoerd (met handboeien
aan) in de richting Osnabrek. Wij wisten toen al, dat we 8 weken
straflager voor de boeg hadden.

Dit straflager was gelegen in Ohrbeck, plm. 5 km. ten Z.O. van Osnabrck.
Het was een vreeselijk kamp. Er werd niet georganiseerd gemarteld, maar men
liet de gestraften practisch gesproken den hongerdood sterven. We kregen 's
ochtends een klein stukje brood en 's avonds -3/4 liter knollensoep.
Bij zeldzame gelegenheden kregen we het iets beter. We hebben bijv. op een
Zondag gehad: aardappelen met peertjes, alsmede een bal gehakt en jus, maar
dat was dan ook een godenspijs.

Het werk, wat wij te doen hadden, was vrij eentonig en langdurig. We
werkten plm. van '-s morgens 6 uur tot Is avonds 6 uur, maar het werd ook
wel eens later. Rustpauze kenden we niet en we hadden zelfs geen tijd om
even een "blaasje te pikken". De eerste 3 weken werkten we bij het graven
van een sleuf in een zeer leemige heuvel, de tweede periode van ons verblijf
in Ohrbeck was gewijd aan het hopelooze werken aan het herstel van het
steeds opnieuw gebombardeerde emplacement te Osnabrck. Tegen de
aanhoudende luchtaanvallen waren wij zeer goed beschermd. niet omdat ze zoo
bang voor ons waren, maar meer omdat onze bewakers zelf doodsbenauwd waren
en eventueele ontvluchtingspogingen tijdens een bombardement voorkomen
moesten worden. Karel, die al zeer mager was, toen ik hem leerde kennen,
viel met de dag nog meer af, evenals wij allemaal trouwens, maar hij hield
er nogal goed de moed in. hoewel hij er op het laatst beroerd uitzag met
zijn kaalgeschoren hoofd en in zijn boevenkleeding.

Aan alles komt gelukkig een eind, zoo ook aan het Ohrbecksche verblijf. Op
Zaterdag 31 Maart rukten wij plotseling niet uit naar het werk, de
commandant van het kamp bleek reeds weg te zijn, als ook een deel der
bewaking. Wij kregen onze kleeren en eigendommen terug en werden op straat
gezet. Hier hebben we eerst een tijd in een bosch gekampeerd. niet wetende
waarheen te gaan, aangezien we een derde bij ons hadden, welke zwaar ziek
was. Tenslotte hebben we hem 's avonds naar het ziekenhuis in Ohrbeck
gebracht, waar ook wij n dag verpleging hebben genoten, We konden ons
eindelijk weer eens wasschen en onze door hongeroedeem opgezette voeten en
bij Karel ook zijn kapotte handen werden goed verzorgd. Den volgenden avond
echter moesten we het ziekenhuis tot onzen spijt weer verlaten, maar toen
hebben we in de nabijheid een boerin bereid gevonden ons onderdak te
verschaffen. We zeiden, dat we wilden werken voor de kost, maar toen de
boerin onze deplorabele toestand zag wilde ze daar niets van weten en heeft
ze ons een week lang meer dan uitstekend verzorgd. Toen wij tenslotte
weggingen hebben we nog spek, boter, eieren, brood en melk meegekregen voor
onze gezinnen in Holland (wij wisten toen n.l. nog niet beter of Holland was
reeds bevrijd). Op Zaterdag 7 April vertrokken we van Ohrbeck over
Lenggerich naar Greven, waar het eerste opvangkamp voor buitenlanders was.
Hier werden we ingekwartierd in een door de Duitschers verplicht ontruimd
huis, waar wij tween heer en meester waren en de beschikking hadden over
een groot fornuis met zoowel de middelen om er in te stoken als om er op te
koken. Er stond n.l. nog een complete wek, alsmede gezoute groenten,
ingemaakte eieren etc. in de kelder. Ondanks de buitengewoon goede week,
die wij achter den rug hadden waren we nog uitgehongerd en we hebben daar
gegeten als wolven, waarbij we bijna vochten om de eer, wie het eten mocht
koken.

In de nacht van Dinsdag op Woensdag, dus van 10 op 11 April, werd Karel
ziek, had buikpijn etc. 'e Middags was het zoo erg, dat ik hem naar het
ziekenhuis bracht, vanwaar hij direct doorgetransporteerd werd naar het
groote ziekenhuis ter plaatse en geopereerd. Aanvankelijk liet het zich
goed aanzien,' mocht hij zelfs al zeer gauw weer iets eten en drinken,
hoewel hij toch een darmoperatie ondergaan had (darmverkl.eving!). Is
Zaterdags zou ik verder getransporteerd worden (ook al op doktersbevel),
zoodat ik afscheid van hem genomen heb, maar aangezien we Is Zondags pas
weggingen, ging ik dien dag nog even afscheid nemen. In het ziekenhuis
aangekomen echter vernam ik tot mijn groote schrik dat Karel dien morgen,
Zondag 15 April 1945, om 8 uur het tijdelijke voor het eeuwige verwisseld
had. Hij is heel kalm en rustig ingeslapen, ik veronderstel zonder het
besef te hebben, dat hij dood ging. In Greven heb ik nog zoowel met de
directie van het ziekenhuis als met de Engelsche bevelvoering eenige
regelingen getroffen voor zijn begrafenis, welke naar ik mag veronderstellen
zeer behoorlijk

heeft plaatsgehad.

Als directe doodsoorzaak werd

mij opgegeven: hartszwakte.










--

Het heden ligt in het verleden
Onze website: http://home.hccnet.nl/hjm.post/
voor genealogie: http://home.hccnet.nl/hjm.post/genealogie.htm


---
Outgoing mail is certified Virus Free.
Checked by AVG anti-virus system (http://www.grisoft.com).
Version: 6.0.572 / Virus Database: 362 - Release Date: 27-01-2004



This thread: