GEN-BENELUX-L Archives

Archiver > GEN-BENELUX > 2004-05 > 1084102607


From: "Patrick Vanhoucke aka Librarian" <librarian#>
Subject: Re: Ornamenten mee te nemen naar het graf...
Date: Sun, 9 May 2004 13:36:47 +0200
References: <409e0f77$0$22986$a0ced6e1@news.skynet.be>


Dixit Mathieu Kunnen <>
in news:409e0f77$0$22986$

> In zijn testament laat een priester omstreeks 1870 opnemen dat
> uit zijn nalatenschap 100 frank moet betaald worden aan de kerk
> "voor de ornamenten die naar zijn graf zullen meegenomen
> worden". Uit de memorie van successie blijkt later dat deze 100
> frank inderdaad overgemaakt werden aan de kerk.
>
> Dergelijke vermelding hebben we nooit eerder gevonden. Zijn er
> meer gelijkaardige vermeldingen bekend en zo ja, waar en wanneer?
> Onze vondst heeft betrekking op de Belgische provincie Limburg.

Het lijkt me te gaan om zijn priestergewaad en alle andere zaken
die daar nog bijhoren.

In het Woordenboek der Nederlandsche Taal (WNT) vond ik bij
'ornament':

-----
ORNAMENT ORNEMENT , znw. onz., mv. -en. Verkl. -je (in de bet. 2
en 3), mv. -s. Van lat. ornamentum; fr. ornement, eng. ornament,
ornement, hd. ornament enz.
1) Datgene wat dient tot de noodige en waardige uitrusting van
iets.
a) Met betrekking tot de voorwerpen die noodig zijn tot den
kerkelijken eeredienst, tot de uitrusting van het kerkgebouw, enz.
Als algemeene benaming voor de kerkelijke meubelen, sieradin,
boeken enz. en voor de staatsiekleederen der geestelijkheid.
Evenzoo in het Mnl.; dikwijls in den gewijzigden vorm orlement (zie
ook ORLEMENT). || Beelden, aultaeren, ornamenten, oft eenige andere
gewijde dingen, Pamflet (TIELE 103), B v (a. 1570). Outare,
sacramentshuyskens, en alderhande kerkelijke ornamente of ciragien,
Hist. v. Corn. Adr. 1, 313. Voortaen (geen) ... Christelijcke
bijeencompste ofte exercitie van religie ... te exerceeren, geen
derselver ornamenten te gebruijcken enz., Daghreg. Bat. 5, 69. Dat
niemant eenige Christelijcke ornamenten van psalmboeken als andere
geestelijcke autheuren aende Japanderen ... en sullen mogen
vercoopen, Ald. Ordonnantie, Jegens 't verduysteren der Ornamenten
en Kerckelijcke goederen, Gr. Placaatb. 1, 1479 (a. 1651).
-----

Belangrijk is hier dus: "Als algemeene benaming voor de kerkelijke
meubelen, sieradin, boeken enz. en voor de staatsiekleederen der
geestelijkheid."

Als deze priester in zijn gewaad begraven wilde worden en eventueel
ook nog andere voorwerpen in het graf wilde meenemen, dan lijkt het
logisch dat hij de Kerk daar voor vergoed. Deze voorwerpen zijn
immers niet zijn persoonlijke eigendom, maar dat van de Kerk.

Alhoewel... ik dacht dat de verschillende gewaden toch door de
priester zelf betaald werden. Ze werden ook op maat gemaakt en
konden dus in principe ook voor niemand anders dienstig zijn.

--

Groeten

Patrick Vanhoucke
Laken (Brussel)



This thread: